Hoe bereken je transitievergoeding en de hoogte

Bij ontslag dien je in 9 van de 10 gevallen een transitievergoeding te betalen aan de werknemer. Deze vergoeding bij ontslag werkt niet meer met de ‘oude’ kantonrechtersformule, maar met de transitievergoeding onder de Wet arbeidsmarkt (WAB), welke in januari 2020 in werking is getreden. Hoe bereken je transitievergoeding en wanneer heb je er als werknemer recht op?

Wanneer betaal je transitievergoeding?

Als de werknemer zelf opstapt, betaal je als werkgever uiteraard geen transitievergoeding. Maar in bijna alle andere gevallen wel. De werknemer krijgt een transitievergoeding wanneer je hem/haar in de proeftijd ontslaat of besluit een arbeidscontract voor bepaalde tijd niet te verlengen. Puur omdat het initiatief vanuit de werkgever is uitgegaan.

Wanneer betaal je geen transitievergoeding?

Een denkbare uitzondering is ontslag op staande voet. Als je dat overweegt, moet je echter altijd een arbeidsrechtspecialist raadplegen. Indien er aantoonbaar bewijs is of sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer, dan hoef je als werkgever geen transitievergoeding te betalen.

Een andere vrijstelling is als de werknemer de leeftijd bereikt waarop hij of zij in aanmerking komt voor AOW. Of als de werknemer jonger is dan 18 jaar en niet meer dan 12 uur per week werkt. Wanneer je een vaststellingsovereenkomst hebt gesloten, dan hoef je ook geen transitievergoeding te betalen.

Transitievergoeding berekenen

De transitievergoeding berekenen vindt plaats op basis van het maandloon en de feitelijke duur van de arbeidsovereenkomst. Er wordt dus niet meer langer gekeken naar volledig gewerkte halve dienstjaren, zoals voorheen het geval was. Als een werknemer 3 jaar en 4 maanden in dienst is geweest, dan wordt voor transitievergoeding bereken 3 jaar en 4 maanden aangehouden.

De hoogte van de transitievergoeding berekenen is met de invoering van de WAB, ongeacht de lengte van het arbeidscontract, 1/3 maandsalaris per dienstjaar. Voorheen was nog een hoger percentage van toepassing na 10 dienstverbandjaren, maar dit geldt nu niet meer. Ook de overgangsregeling voor werknemers van 50 jaar en ouder is per 1 januari 202 vervallen. Deze aanpassingen zorgen ervoor dat de transitievergoeding eerlijker is, maar tegelijkertijd ook gemiddeld lager uitvalt.

Hoe bereken je een transitievergoeding?

De transitievergoeding is gemaximeerd op € 86.000 bruto of één jaarsalaris als je per 1 januari 2022 meer dan € 86.000 bruto per jaar verdient. Iedereen wordt volgens dezelfde formule gecompenseerd. Daardoor is de opbouw gelijk, ongeacht leeftijd en aantal dienstjaren.

  • Vanaf de eerste werkdag ontvangt de werknemer een derde van het maandloon voor het eerste jaar van het dienstverband.
  • De beloning voor de rest van het dienstverband wordt als volgt berekend: (het ontvangen brutoloon voor de rest van de arbeidsovereenkomst/bruto maandloon) x (13 bruto maandloon/12). Indien de werknemer een arbeidscontract heeft korter dan een jaar, dan wordt dezelfde berekening toegepast.

Kosten die de werkgever maakt voor bijvoorbeeld outplacement of scholing mogen worden afgetrokken van het bedrag van de transitievergoeding. De kosten moeten wel gemaakt zijn met het oog op het (naderende) ontslag en bovendien ook in overleg met de werknemer. Ook hiervoor gelden allerlei voorwaarden.

Voorbeelden hoe bereken je de transitievergoeding

Om de transitievergoeding berekening te verduidelijken hebben we een voorbeeldberekening gemaakt. Hoe bereken je de transitievergoeding bij een arbeidsovereenkomst van 7 jaar en 10 dagen. De maandelijkse bruto vergoeding was € 4.500. Het bruto uurloon was € 30. En de werknemer werkte 8 uur per dag.

  • Eerst wordt de transitievergoeding gedeeld door het aantal volledige gewerkte jaren: 7 jaar x een derde van € 4.500 = € 10.500
  • Vervolgens wordt de vergoeding berekend over de laatste tien dagen. Eerst moet het totale loon over de tien dagen worden berekend. Dat is 10 x 8 (werkuren) x € 30 (bruto uurloon) is € 2.400.
  • Vervolgens kan de standaard formule worden toegepast voor transitievergoeding berekenen. In de loop van 10 dagen wordt de vergoeding als volgt berekend: (2400/4500) x (1500/12) = € 66,66 De transitievergoeding bedraagt in totaal € 10.500 + € 66,66 = € 10.567.

Zit de werknemer nog in de proefperiode wanneer hij of zij ontslagen wordt? Dan is de berekening als volgt. Stel dat de werknemer maar 10 dagen heeft gewerkt, dan is het brutosalaris € 2.400 (10 dagen x 8 uur per dag x € 30). Dit bedrag wordt beschouwd als het maandsalaris. Dan kun je de transitievergoeding als volgt berekenen:
€ 2.400/€ 2.400) x ((1/3 x € 2.400)/12) = 1 x (€ 800/12) = € 66,66 voor een hele maand. Voor de 10 dagen ontvangt de werknemer € 22,22 aan transitievergoeding.

Berekening van het maandelijkse brutoloon

Voor de berekening van de transitievergoeding moet het bruto maandloon worden bepaald. De berekening varieert afhankelijk van het soort contract.

  • Wanneer de arbeidsduur vaststaat, wordt het bruto uurloon vermenigvuldigd met het aantal arbeidsuren per maand. Met vast arbeidsduur wordt een vast aantal uren bedoeld.
  • Bij een oproepcontract wordt het bruto uurloon vermenigvuldigd met het maandelijkse gemiddeld aantal werkuren, oftewel de gemiddelde arbeidsduur per maand.
  • Wanneer een deel van het inkomen bestaat uit provisie of bonussen, wordt rekening gehouden met het gemiddelde maandloon dat de werknemer in de 12 maanden voorafgaand aan de beëindiging van de arbeidsovereenkomst heeft verdiend. Dit wordt aangevuld met een vakantietoeslag en een eventuele vaste eindejaarsuitkering.

Waar nodig worden ook andere arbeidscomponenten opgenomen. Vakantievergoeding, ploegentoeslag, overwerkvergoeding, bonussen, winstuitkeringen en variabele eindejaarsuitkeringen zijn voorbeelden.

Bijzondere situaties voor hoe bereken je transitievergoeding

Hoe bereken je transitievergoeding wanneer de werknemer in een niet standaard situatie zit? Zit de werknemer in een bijzondere situatie tijdens het ontslag, dan kan dit namelijk invloed hebben op de hoogte van de vergoeding. Zo’n situatie is bijvoorbeeld van toepassing als de werknemer verplicht wordt door de werkgever minder uren te gaan werken. Dan wordt er een transitievergoeding gegeven over het aantal uren dat de werknemer minder moet gaan werken.

De transitievergoeding is alleen van toepassing als de werknemer minstens 20% minder uren moet werken en het mag niet van tijdelijke aard zijn. De som wordt dan bepaald door het ontvangen loon.

Indien de werknemer ziek is op het moment van ontslag, dan heeft dan geen gevolgen voor de transitievergoeding berekening. Altijd wordt er gekeken naar het normale laatstverdiende bruto maandloon.

Rekenhulp transitie vergoeding

De hoogte van de transitie vergoeding bij ontslag wordt bepaald op 2 factoren. Namelijk het maandsalaris en de duur van het dienstverband. Per 1 januari 2022 is de maximale vergoeding 86.000 euro bruto. Of, indien het jaarsalaris hoger is dan deze 86.000 euro, is het maximaal 1 bruto jaarloon.

Heb je rekenhulp nodig voor de transitie vergoeding of wil je meer weten over dit onderwerp? Neem dan vrijblijvend contact op met CBBS, jouw vertrouwde financiële en HR partner.

Wij staan voor u klaar

Stuur een mail

Onze klantenservice helpt u verder (binnen 1 werkdag een reactie)

Bel 070 335 30 00

Op werkdagen van 08:30 tot 17:00

Nieuwsbrief

Meld u aan voor de gratis nieuwsbrief